Iconografische documenten

De afgebeelde onderwerpen van de iconografische collectie van de Nationale Bank vallen in twee groepen uiteen.

Een groot gedeelte sluit naadloos aan bij de numismatische collectie en belicht de geldgeschiedenis, het financiewezen of de economische activiteit in België. Een ander gedeelte bestaat uit kaarten, plans en zichten van de belangrijkste Belgische steden.

De collectie bestaat uit:

Schilderijen

In de loop van haar geschiedenis deed de Nationale Bank op gezette tijden een beroep op Belgische kunstschilders: om de muren en plafonds van haar Hotel te verfraaien, om een lid van het koningshuis of een gouverneur te portretteren of om een nieuw bankbiljet te ontwerpen. Het resultaat van deze opdrachten is een beperkte collectie oude schilderijen die onder de noemer “officiële kunst” vallen. Daarnaast beschikt de Nationale Bank nog over enkele schilderijen die het thema geld illustreren of die de grote Belgische steden in de verf zetten.

schilderij1

Memento Mori van Frans Francken de Jonge

Op dit schilderij (olie op koper, ca. 1635) behandelt Frans Francken de Jonge (1581-1642) een zeer geliefd thema: “Memento mori” of vrij vertaald “Denk eraan dat je ooit zult sterven”; niemand ontspringt de dans, of men nu jong of oud, arm of rijk is.

Hier zijn het de oude rijkaard en de elegante jongeman voor wie het laatste uur geslagen is. De vergankelijkheid dus van de aardse rijkdom.

schilderij2

portret van Eugène Anspach

Het is een traditie om van elke afscheidnemende gouverneur van de Nationale Bank een portret te laten schilderen. De galerij bevat ondertussen reeds 20 doeken. Dit van de vijfde gouverneur, Eugène Anspach (1888-1890), is van de hand van Herman Richir (1866-1942) en dateert van 1894.

Het was niet de enige opdracht vanwege de Nationale Bank voor deze schilder. Hij is ook de auteur van de portretten van Albert I en Elizabeth die in het Rode Salon van het Hotel van de Bank hangen en van zijn hand zijn ook verschillende voorontwerpen van biljetten.

 

schilderij3

de Brusselse Wildewoudstraat in 1826

 

Dit paneeltje van de hand van Pieter-Frans Poelman (1801-1826) geeft een idee hoe de Brusselse Wildewoudstraat er in 1826 uitzag.

De straat onderging een complete gedaanteverwisseling toen de Nationale Bank er in 1858 vijf huizen opkocht en ze enkele jaren later verving door een gloednieuw bankgebouw. Het Hotel van de Bank en het Museum zijn er de blijvende getuigen van.

schilderij4

ontwerp voor biljet van 100 frank

Een nieuw biljet van 100 frank ontwerpen, is geen gemakkelijke opgave. Jozef Stallaert (1825-1903) probeerde het op papier, op hout en zoals hier, op doek. Het mocht niet baten want de Nationale Bank heeft dit ontwerp uiteindelijk niet gebruikt.

In het Hotel van de gouverneur had hij meer succes: de plafondschilderingen in de feestzaal zijn er van zijn hand.

 

 

Tekeningen

tekening1

detailstudie uit 1917

Een bankbiljet ontwerpen gebeurt vandaag met de computer. De kunstenaars die vroeger een bankbiljet ontwierpen, gingen met pen, inkt, verf en papier aan de slag. Vele tekeningen bleven in het stadium van het voorontwerp steken en bereikten nooit de eindmeet. Toch heeft de Nationale Bank alle documenten steeds zorgvuldig bijgehouden. Dit deed ze ook met de plannen en schetsen van de architecten die haar gebouwen hebben ontworpen. Ook hier vullen enkele tekeningen rond het thema geld en gewijd aan de grote Belgische steden de collectie aan.

Deze vetkrijttekening maakt deel uit van het belangrijke fonds ontwerpen en voorontwerpen van bankbiljetten die de Drukkerij van de Nationale Bank enkele jaren geleden naar het museum heeft overgeheveld. Het is een detailstudie uit 1917 die door Jean-François Freund (1879-1968) voor de zogenaamde “Nationale Reeks” is gemaakt.

tekening2

het Sas van Vilvoorde in 1725

Deze gewassen pentekening uit 1725 draagt als opschrift “Dit is de sas van vilvoorden ghenoemt de drij fontijnen 1725” en is van de hand van F.I. Derons. Deze tekenaar was actief vanaf 1723 tot minstens 1760. Vooral de streek langs de vaart tussen Brussel en Vilvoorde en de regio Tervuren werden door hem ijverig op papier gezet. Vaak zijn Derons’ tekeningen de enige getuigen die ons van intussen verdwenen landschappen en sites resten.
De tekening maakt deel uit van het iconografisch fonds over Brussel en omgeving.

het kasteel van Wespelaar

Kasteel van Wespelaar

De 19e-eeuwse architect Hendrik Beyaert (1823-1894) zette zijn handtekening onder heel wat ontwerpen en plannen. Dat zijn tekeningen voor het gebouw van de Nationale Bank in de Brusselse Wildewoudstraat en in Antwerpen deel uitmaken van de museumverzameling, zal wel niemand verwonderen. Maar ze bevat ook nog heel wat ander origineel werk van Beyaert, zoals deze tekening van het kasteel van Wespelaar. Dit detail toont het smeedijzerwerk van de brug aan de ingang van het park.

tekening4

oprichting van de stad Tongeren

Tekeningen en gravures maken vaak deel uit van boeken. Dit is ook het geval met deze gehoogde pentekening die, samen met nog enkele andere illustraties, een manuscript uit het begin van de 17e eeuw verfraait.
Het handschrift draagt de titel “Brief traité recueilli hors de la grande chronique de la très renommée ville et cité de Liège” en is van een onbekende auteur. Het is een kroniek die de geschiedenis van het prinsbisdom Luik in geuren en kleuren beschrijft. De prent toont de oprichting van de stad Tongeren (Aduatuca Tungrorum), de oudste van ons land. 

 

Foto’s

foto1

de Beurs in Brussel

Geen sprekender beeld dan een goede foto. Naast portretfoto’s vindt men in de collectie van de Nationale Bank ook foto’s terug van het eigen verleden, van specifieke bankactiviteiten, van binnen- en buitenlandse financiële instellingen, historische foto’s van de belangrijkste Belgische steden en documentaire foto’s van bestaande beeldende kunst rond het thema geld in andere binnen- en buitenlandse musea.

In de verzameling van de Nationale Bank bevinden zich heel wat afbeeldingen van financiële instellingen: banken, spaarkassen, beurzen, internationale instellingen enzovoort. De Beurs van Brussel is daar één van. Deze foto dateert van het begin van de 20e eeuw. Naast het beursgebouw geeft ze een beeld van de drukte in de omgeving. Andere foto’s belichten dan weer de soms koortsachtige activiteit intra muros.

foto2

François-Philippe de Haussy

De man die hier op Napoleontische wijze voor de camera poseert, is de eerste gouverneur van de Bank, François-Philippe de Haussy (1850-1869). Gedurende negentien jaar had hij de leiding van de kersverse centrale bank en gaandeweg ontpopte hij zich tot de juiste man op de juiste plaats; bij zijn overlijden was de Nationale Bank een gevestigde waarde binnen het Belgische financiële landschap. De foto maakt deel uit van een album waarin de hoge functionarissen van de bank geportretteerd staan.

 

 

foto3

de drukkerij van de Bank

 

 

Het bekijken van oude bankfoto’s kan bijzonder leerrijk zijn. Ze vertellen iets over de evolutie van de werkomstandigheden van het bankpersoneel. Hier poseren de drukkers van de Nationale Bank naast hun machines aan het einde van de 19e eeuw. Het is een van de oudste foto’s van de Drukkerij van de bank.

 

Gravures

gravures1

schroefpers

Het prentenkabinet van de Nationale Bank is het belangrijkste onderdeel van haar iconografische verzameling. Alle aspecten van het thema geld staan er op afgebeeld: de geldproductie, het geldverkeer, de geldwissel, armoede en rijkdom, spaarzaamheid en verkwisting… Van een heel andere aard, maar daarom niet minder belangrijk, zijn de gegraveerde kaarten, plans en zichten van de diverse geografische entiteiten van België en de belangrijkste steden, dit wil zeggen de steden waar de Nationale Bank ooit een discontokantoor, agentschap of bijbank heeft gehad.

De mechanisering van de muntslag had vanaf de 18e eeuw grote gevolgen voor de productiviteit van het muntbedrijf en de kwaliteit van de stukken.

Diderot en d’Alembert beschrijven in hun Encyclopédie (1751-1777) de eerste muntpers waarvan de schroef nog door menselijke spierkracht in beweging moest gebracht worden. Hoe dat precies in zijn werk ging, kan men op deze gravure duidelijk zien.

gravures2

hoogovens van Cockerill

België was, na Engeland, het eerste geïndustraliseerde land in Europa. De reeks gravures uit het verzamelwerk “La Belgique Industrielle” (Brussel, 1852) zet deze voortrekkersrol in de verf. Naast de Vlaamse textielnijverheid, komen vooral de Waalse mijnbouw en metaalindustrie er aan bod. Van deze prent valt af te leiden hoe de hoogovens van Cockerill te Seraing dag en nacht op volle toeren draaiden.

 

gravures3

affiche van staatslening

Beide wereldoorlogen hebben de Belgische economie zware klappen toegebracht. Het land moest telkens heropgebouwd worden.
Grootscheepse, naoorlogse sensibiliseringscampagnes deden hiervoor op de spaarcenten van de burger een beroep. De bevolking werd via affiches opgeroepen om in te schrijven op deze staatsleningen. Het museum van de Nationale Bank heeft er enkele van.

 

 

gravures4

spotprent

 

De Nationale Bank bezit een bescheiden collectie karikaturen die de draak steken met bankiers, beursmakelaars, gierigaards of geldverkwisters. De karikatuur is ook een machtig wapen om bestaande wantoestanden aan te klagen.
In deze spotprent wordt de almacht van het geldmonster tegenover de kleine man gehekeld. De karikatuur stond in 1902 op de cover van een nummer van het tijdschrift L’Assiette au Beurre.