De Dynastieke biljettenreeks  Share

We vergeten het vaak, maar geld, of het nu om munten of biljetten gaat, is een bevoorrechte bron van de Belgische geschiedenis. Zo kregen de grote persoonlijkheden en markantste gebeurtenissen hun plaats op een biljet. De In de kijker van deze maand wil een specifieke reeks Belgische biljetten centraal stellen, namelijk de Dynastieke reeks. Deze werd net na de Tweede Wereldoorlog uitgegeven en plaatste de Belgische geschiedenis in de schijnwerpers.

Vanaf 1938 vatte de Nationale Bank het plan op om een nieuwe reeks Belgische bankbiljetten uit te geven met daarop voor het eerst de portretten van de ganse Belgische dynastie – vandaar ook de naam van de reeks. Oorspronkelijk werden vier coupures voorzien: de coupure van 10 000 frank met het portret van Leopold I, 1 000 frank met Albert I, 500 frank met Leopold II en ten slotte het 100 frank biljet met koning Leopold III, de regerende koning op dat moment. In 1939 werd gestart met het ontwerp van de reeks; dit werd echter onderbroken en uitgesteld door het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog.

Figuur 1 : Voorzijde van het specimen van de coupure van 100 frank met het portret van Leopold III dat nooit werd uitgegeven. © Museum van de Nationale Bank van België

Onder de Duitse bezetter circuleerden verschillende soorten biljetten, zoals de Belgische biljetten, het geld dat werd uitgegeven door een Duitse instelling (de Reichskreditkassenscheine), het noodgeld dat de gemeenten en steden zelf uitgaven, op sommige plaatsen werd zelfs op ruilhandel overgeschakeld. Toch bleef de Nationale Bank op het plan voor de Dynastieke reeks broeden en zette zich aan de ontwikkeling van een nieuwe druktechniek, de diepdruk. Bij deze techniek wordt inkt aangebracht in groeven op de drukplaat, waardoor de inkt als het ware als een voelbaar laagje op het papier wordt afgedrukt. Dit zorgde voor een verbetering van de esthetische waarde van biljetten; daarenboven waren ze zo beter tegen valsmunterij beschermd.

Jammer genoeg zou de uitwerking van de reeks een aantal moeilijkheden kennen. Eerst en vooral werd al snel duidelijk dat een coupure van 10 000 frank te groot was na de geldsanering die na de oorlog plaatsvond (de zogenoemde ‘Gutt-operatie’), waardoor het biljet nutteloos zou zijn. Het werd dan ook nooit uitgegeven. Dit had als gevolg dat er geen biljet met het beeld van koning Leopold I meer was… althans in theorie. Op dat moment werd België immers verscheurd door de koningskwestie. Leopold III die als koning volgens de krijgswet aan het hoofd van het Belgische leger stond, had zich in 1940 overgegeven aan de Duitsers. Dit was tegen de wil van de regering die het gevecht wilde verder zetten. Deze eenzijdige beslissing zorgde ervoor dat zijn populariteit bij het volk danig op de proef werd gesteld. Hierdoor werd het mogelijk om het portret van koning Leopold III op de coupure van 100 frank te vervangen door dat van de eerste koning der Belgen. Door economische en politieke moeilijkheden had hij dus niet langer recht op zijn biljet. Het is een opmerkelijke vaststelling dat zelfs een dergelijk alledaags object als een bankbiljet een getuige en voorbeeld van historische verwikkelingen is.

De problemen bleven hier echter niet bij. Door de naoorlogse omstandigheden kon de Dynastieke reeks niet in diepdruk worden gedrukt zoals ontwerper Jules Vanpaemel het had voorzien. Om de eerste zeven miljoen biljetten van 500 frank te kunnen drukken, moest de Nationale Bank van België bovendien de hulp inroepen van de Banque de France. Tot slot kwam hier nog bij dat deze Dynastieke reeks gemakkelijk te vervalsen bleek.

Figuur 2 : Voorzijde van het 100 frank biljet met het portret van Leopold I. © Museum van de Nationale Bank van België

Laten we de drie coupures die in omloop zijn gebracht, van dichterbij bekijken. Elk biljet toont bijzondere historische gebeurtenissen uit de tijd van de drie afgebeelde koningen; de voorzijde en keerzijde hielden dus altijd verband met elkaar. Algemeen gezien onderscheidt de Dynastieke reeks zich van de voorgaande series door lichtere tekeningen en versieringen. De voorzijde was altijd verdeeld in drie delen : het koninklijk portret, het vignet en een wit kader met het watermerk. Op het biljet van 100 frank, dat werd opgedragen aan Leopold I, werd zijn portret aangevuld met een zicht op het Koningsplein in Brussel. Dit was de plek waar de eerste koning der Belgen op 21 juli 1831 de eed aflegde. Op de keerzijde is een weergave van de Blijde Inkomst van de koning in Brussel te zien. We kunnen hierbij nog opmerken dat in deze periode de inscripties op de biljetten in de twee landstalen werden opgesteld: het Frans op de voorzijde, het Nederlands op de keerzijde.

Figuur 3 : Voorzijde van het 500 frank biljet met het portret van Leopold II. © Museum van de Nationale Bank van België.

De coupure van 500 frank werd opgedragen aan Leopold II. De voorzijde toont naast het portret van de koning een zicht op de stad Antwerpen en zijn haven. Voor de keerzijde viel de keuze op een opvallend feit uit de regeerperiode van Leopold II : de kolonisatie van Congo. Op het biljet is een scène te zien waarin Afrikanen langs een rivier staan. Door het aanwenden van de Congolese rijkdommen kon België zijn havenactiviteiten, vooral in Antwerpen, sterk uitbreiden.

Figuur 4 : Voorzijde van het 1000 frank biljet met het portret van Albert I. © Museum van de Nationale Bank van België

Tot slot wordt hier nog het laatste biljet uit de Dynastieke reeks belicht; dit werd opgedragen aan Albert I. De koning-soldaat wordt met een helm afgebeeld, om zijn dapperheid tijdens de Eerste Wereldoorlog te herinneren. Aan dezelfde zijde staat de Congreskolom en het graf van de Onbekende Soldaat in Brussel. Op de keerzijde is een zicht op Veurne te zien. Deze gemeente in de westhoek staat afgebeeld omdat ze zwaar werd verwoest tijdens de gevechten.

Door het grote aantal vervalsingen, werd de Dynastieke reeks in 1950-1952 vervangen door een reeks die eveneens koninklijke portretten als thema had, maar die tegelijkertijd het honderdjarig bestaan van de Nationale Bank herdacht. Dit keer werd de diepdruktechniek wel toegepast wat ervoor zorgde dat deze biljetten de moderniteit inluidden, wat aanvankelijk de bedoeling was met de Dynastieke reeks.

Charlotte Vantieghem
Museumgids

BIBLIOGRAFIE

  • BOEKHORST Ben te, DANNEEL Marianne et RANDAXHE Yves, Adieu frank. Het boeiende verhaal van België en zijn geld, 2001, p.70-73.
  • DELBART Philippe, L’évolution du billet de banque belge (1850-1979) du point de vue historique, technique et esthétique, Institut supérieur d’Etudes sociales de l’Etat, Section des bibliothécaires documentalistes, 1979, p.93-96.
  • DEPRÊTRE Vincent, Billets belges. La série Dynastie, artikel voor een voorstelling gepland op 14 december 1998 in de Numismatische Kring van Nice, oktober 1998.
  • Het vorstenportret op munt en biljet. 1830-1991, Tentoonstelling in het Museum voor Geld en Geschiedenis van de Nationale Bank van België naar aanleiding van de koninklijke verjaardagen 60-40, vanaf 22 maart tot 15 september 1991, 1991.
  • De fraaie frank. Belgische munten en biljetten sedert 1830, 1989, p.245-248, 272-277.