Expo 58, het Atomium en de Nationale Bank van België  Share

Expo 58, officieel de ‘Algemene Wereldtentoonstelling te Brussel’, vond plaats van 17 april 1958 tot 19 oktober van datzelfde jaar op de Heizelvlakte, in het park van Laken, het Ossegembos en het kasteel Belvedère. De wereldtentoonstelling die 42 miljoen bezoekers lokte vormde ook de aanleiding tot belangrijke infrastructuurwerken in de stad, waarbij de boulevards in sneltempo werden omgevormd tot moderne verkeersassen. Het Atomium, speciaal voor de Expo ontworpen, is intussen uitgegroeid tot een van de belangrijkste bezienswaardigheden van Brussel en een nationaal symbool. Expo 58 heeft duidelijk een stempel gedrukt op het land, in die mate zelfs dat je er verwijzingen naar terugvindt op verscheidene biljetten en muntstukken.

expo1

Het 50 frankstuk van 1958

expo2Ter gelegenheid van Expo 58 werd een 50 frankstuk geslagen naar een ontwerp van Carlos Van Dionant. De munt heeft een diameter van 30 mm, weegt 12,5 g en heeft een zilvergehalte van 835 duizendsten. Op de voorzijde van het muntstuk staat het portret van Koning Boudewijn, kijkend naar links met de tekst .BOUDEWIJN.KONING.DER.BELGEN. Op de keerzijde zien we de Brusselse Grote Markt en het stadhuis. Rechts staat de waarde van het muntstuk aangegeven en links zien we het logo van Expo 58. Dat logo bestaat uit een ster met vijf onregelmatige stralen, waartussen we een wereldbol en het jaartal ’58 zien. Er bestaan twee versies van deze munt, een Nederlandstalige en een Franstalige.

Het biljet van 20 frank uit 1964

expo3Het 20 frank-biljet uit 1964 is een belangrijk biljet in de geschiedenis van het Belgische papiergeld. Hoewel klein van formaat en van geringe nominale waarde, was het erg praktisch en gewaardeerd voor het dagelijkse betalingsverkeer. Omwille van het succes zag de Nationale Bank zich zelfs genoodzaakt op zoek te gaan naar manieren om het biljet slijtvaster te maken . Voor de eerste en meteen ook de laatste keer werden Belgische biljetten licht geplastificeerd. Deze techniek maakte het mogelijk de levensduur van de biljetten te verhogen, zodat ze gemiddeld 26 maanden in omloop konden blijven. Dit biljet is ook een hulde aan de jonge koning Boudewijn. Zijn portret komt er tweemaal op voor: eenmaal als hoofdmotief, een tweede keer op een meer discrete wijze als watermerk. Dit veiligheidskenmerk waarin in 1962 voor het eerst het hoofd van Koning Boudewijn te herkennen is, verving het veertig jaar lang gebruikte watermerk met het hoofd van Leopold I. Het vernieuwde watermerk bleef in gebruik tot en met de voorlaatste reeks van Belgische biljetten.

expo4De biljetten van 20 frank type 1964 zijn, net zoals de 50 frank-biljetten die twee jaar later uitkwamen, gedrukt in opdracht van de Koninklijke Munt. Ze maken deel uit van een reeks papiergeld die tussen 1927 en 1989 door de Thesaurie werd uitgebracht . De coupures waren altijd van lage waarde, zoals 5, 10, 20 en 50 frank. Het was de bedoeling deze biljetten te gelegener tijd te vervangen door munten en ze kregen dan ook een heel specifieke benaming mee: “muntbiljetten”. Het feit dat de biljetten niet zijn uitgegeven door de Nationale Bank, maar door de Koninklijke Munt, verklaart waarom ze in tegenstelling tot andere biljetten van na de muntsanering van oktober 1944 niet inwisselbaar zijn voor euro’s.

Op de Franstalige voorzijde van het biljet vinden we een piepjonge Koning Boudewijn terug. De tekening werd gemaakt door Luc De Decker en gegraveerd door Henri Decuyper. Naast het watermerk zijn er nog enkele andere elementen op het biljet aangebracht. Om te beginnen is er op de achtergrond van de tekening een ineenstrengeling van lijnen en rozetten, guilloches, die dienst doet als veiligheidselement. Daarboven komen dan de vermelding van de uitgever, de waarde in letters, de datum van uitgifte en de handtekening van de directeur-generaal der Thesaurie. Vervolgens, rechtsbeneden, staat het gekroonde wapen van het Koninkrijk, het nationale devies “L’Union fait la force” (“Eendracht maakt macht”) en de strafbepaling. De keerzijde van het 20 frankbiljet is Nederlandstalig. We zien er een ijzermolecule . Deze structuur, die natuurlijk onmiddellijk doet denken aan het Atomium, refereert aan de negen provincies die België op dat moment telde. De tekening op de achtergrond suggereert de beweging van de electronen. De tekstelementen die voorkomen op de voorzijde worden op deze zijde hernomen in het Nederlands.

Deze biljetten, die pas in 1982 uit omloop werden gehaald, werden uiteindelijk vervangen door munten. Munten zijn immers onklopbaar op het vlak van levensduur, maar evenzeer uitermate handig voor het bedienen van automaten die overal te lande opdoken.

Herdenkingsmunt van 2 euro van 2006

expo5Ter gelegenheid van de heropening van het Atomium, na twee lange jaren van restauratiewerken, heeft België in april 2006 een tweede herdenkingsstuk van 2 euro uitgegeven. Het Atomium is er op afgebeeld samen met de initialen LL van de ontwerper-graveur Luc Luycx, een engelenkopje (muntatelierteken van de Koninklijke Munt) en een weegschaaltje (muntmeesterteken van de huidige muntmeester). In de buitenste rand omcirkelen twaalf sterren, een B die naar het land van herkomst verwijst en 2006, het jaar van uitgifte, het Atomium. Er werden in totaal 5 miljoen exemplaren van deze munt geslagen door de Koninklijke Munt van België.

Deze drie biljetten en munten die te bekijken zijn in het Museum, tonen aan dat een evenement als Expo 58 ook zijn sporen heeft nagelaten in onze portemonnee.

Laurence Herman
Museumgids

Bronnen

  • CD-Rom, Het Belgische bankbiljet, Nationale Bank van België, Brussel.
  • De fraaie frank. Belgische munten en biljetten sedert 1830, Nationale Bank van België, Brussel, 1993.
  • Te Boekhorst B., Danneel M. & Randaxhe Y., Adieu frank. Het boeiende verhaal van België en zijn geld, Lannoo, Tielt, 2001.