Eeuwfeest: tijd voor vernieuwing  Share

Vandaag sieren monumenten de euro-biljetten; deze weerspiegelen de verschillende bouwstijlen, die Europa doorheen de eeuwen heeft gekend. Omdat personen steeds een bepaalde nationaliteit bezitten, verkiest men thans geen portretten meer te plaatsen op de euro-biljetten. Nochtans was het portret tijdens de voorbije eeuw uitgegroeid tot het hoofdmotief van het Belgische bankbiljet.

500 francs

500 francs

Daarom blikken we terug op een echt portrettenbiljet, dat niet minder dan vijf schitterende portretten afbeeldt. De ontwerper van dit biljet is de Waalse kunstschilder Louis Buisseret, die in dit biljet van 500 frank zijn voorliefde voor het portret uitte.

Centenary series
Eeuwfeestreeks

Het biljet maakt deel uit van een reeks van drie coupures, met name de Eeuwfeestreeks, waarbij de naam verwijst naar de 100ste verjaardag van de Nationale Bank in 1950. Deze reeks verving de Dynastiereeks, die niet lang in omloop bleef wegens de talrijke vervalsingen. Het was daarom noodzakelijk geworden de nieuwe biljetten beter tegen namaak te beveiligen. Om deze reden werd voor de Eeuwfeestreeks de traditionele techniek van hoogdruk vervangen door een nieuw procédé, namelijk het plaat- of diepdrukprocédé in combinatie met vierkleurendruk. De invoering van deze nieuwe techniek maakt deze reeks vanuit technisch oogpunt zeer vernieuwend. Doordat bepaalde motieven nu ook in verhoogd reliëf waren aangebracht, werd er in aanzienlijke mate bijgedragen tot de veiligheid van het biljet. Niet alleen vanuit technisch oogpunt, maar ook iconografisch gezien kan deze reeks vernieuwend worden genoemd.

Ondanks het feit dat deze biljettenreeks thematisch nauw aansluit bij de Dynastiereeks, merken we op dat de afgebeelde koningen veel kleurrijker en moderner ogen en hun houding losser is. Zo werd Albert I zelfs in stadskledij weergegeven. De portretten vallen tevens groter uit en het strakke kader is weggevallen. Bovendien beeldde L. Buisseret voor het eerst , naast de koningsportretten, twee figuren uit de bugermaatschappij af, namelijk minister Hubert J.W. Frère-Orban, stichter van de Nationale Bank, en de Nieuwpoortse sluiswachter Hendrik Geeraert, held uit de Eerste Wereldoorlog. Het portretteren van beroemde vaderlandse figuren, die niet van koninklijken bloede waren, was vernieuwend en tegelijk de aanzet voor een nieuwe trend.

Het biljet van 500 frank uit deze Eeuwfeestreeks is hierop een uitzondering, omdat op de keerzijde hiervan geen portret van een beroemde historische figuur voorkomt in tegenstelling tot de twee andere biljetten uit deze reeks. De schilder Pieter Paul Rubens is hierop slechts indirect aanwezig via zijn oeuvre, maar alvorens te kijken naar de keerzijde, staan we eerst even stil bij de voorzijde van het biljet dat gewijd is aan Leopold II.

Pas vanaf de Eerste Wereldoorlog verschenen de allereerste vorstenpotretten op het Belgische papiergeld. De reden waarom de Nationale Bank hiervoor koos ten tijde van de Eerste Wereldoorlog was in feite dubbel: enerzijds als blijk van vaderlandsliefde in een politiek en militair erg woelige tijd en anderzijds omwille van de grote herkenbaarheid, wat van het koningsportret een niet te onderschatten veiligheidstroef maakte. Ook voor de latere koningsportretten gelden deze twee beweegredenen, namelijk een patriottisch eerbetoon aan vorst en natie en de ontmoediging van de namaak.

Naast het portret van Leopold II wordt in het midden van het biljet een heraldieke leeuw weergegeven, die eerder tot achtergrond dient voor een aantal belangrijke en verplichte vermeldingen zoals de naam van de uitgever, de waarde en de handtekening. Hiernaast worden eveneens de datum, de formule “betaalbaar op zicht” en de strafbepaling “De namaker wordt met dwangarbeid gestraft” in het Frans vermeld.

Peter Paul Rubens

Peter Paul Rubens

Wanneer we de keerzijde van dit biljet onderzoeken, herkennen we hierop de negerkoppen van Rubens. L. Buisseret inspireerde zich hiervoor op een reproductie van de studie “Negerkoppen”, die tot de beroemdste werken van Rubens dient gerekend te worden, ondanks het feit dat dit werk lange tijd aan zijn leerling Antoon Van Dyck werd toegeschreven. Het gaat om vier verschillende portretten van eenzelfde man; meer bepaald vier studies van het gelaat van een Afrikaan, waarbij Rubens trachtte de man vanuit verschillende gezichtspunten af te beelden, steeds met een andere expressie, van blij tot sereen. Op deze wijze zocht hij naar de beste uitdrukking om de figuur nadien te gebruiken in een groot altaarstuk “De Aanbidding der Wijzen”.

In vergelijking met de twee andere coupures uit deze reeks, valt deze keerzijde met viervoudig portret lichtjes uit de toon. Het gaat hier om een anoniem Afrikaans model en geen duidelijk herkenbare figuur of nationale held als Frère-Orban (biljet 100 frank) en H. Geeraert (biljet 1000 frank). Het feit dat Buisseret koos voor nationale figuren die niet van koninklijken bloede waren, was reeds vernieuwend, maar hier ging hij duidelijk nog een stap verder binnen deze iconografische evolutie. Waarom week hij voor dit biljet van deze nieuwe thematiek van bekende historische figuren af? Op het eerste zicht lijkt de keuze voor een anonieme Afrikaan misschien wat eigenaardig, maar eigenlijk is de link tussen Leopold II op de voorzijde en de Afrikaan op de keerzijde voor de hand liggend.

500 francs

500 francs

L. Buisseret beeldt op de keerzijde van dit biljet het Belgisch kolonialisme uit, omdat dit thema niet losgekoppeld kan worden van zijn bezieler, Koning Leopold II. Hiermee volgde hij het voorbeeld van Jules Vanpaemel, die in de Dynastiereeks eveneens het biljet ter waarde van 500 frank wijdde aan Leopold II en zijn koloniale aspiraties. Hierop wordt een Congolese familie aan de oever van de Congostroom weergegeven. Deze benadering van de lokale bevolking is in vergelijking met het biljet van Buisseret eerder traditioneel te noemen. Op het Eeuwfeestbiljet staat de inheemse bevoking eveneens centraal, maar op een andere wijze: de Afrikaan draagt geen traditionele, maar wel een Europese klederdracht en haartooi en komt zodoende zeer westers over.

Wie de originele voorbereidende studie wil vergelijken met het monumentale werk “De Aanbidding der Wijzen” kan hiervoor terecht in het Museum voor Oude Kunst in Brussel waar nog tot 27 januari 2008 de tentoonstelling “Rubens, een genie aan het werk” loopt. Het Eeuwfeestbiljet van 500 frank hangt te kijk in zaal 4 van ons museum.

Julie Lenaerts
Museumgids

Bron:

  • CD-rom, Het Belgische bankbiljet, Museum NBB, 2001