- Museum of the National Bank of Belgium - https://www.nbbmuseum.be/nl -

Een Franse lelie in Brabant?

We plaatsen een muntstuk in de kijker dat uitgegeven werd onder het bewind van de hertog van Brabant Hendrik I (1190-1235). De voorzijde toont de Brabantse prins tot aan het middel en in wapenuitrusting (met helm, een zwaard en een schild met leeuw). Dit dier, symbool van macht en tevens afgebeeld op het wapenschild van de hertogen van Brabant sinds het bestuur van Hendrik I, is ook op de keerzijde aanwezig. Bijzonder aan deze zilveren penning van 0,81 gram is de lelie ter versiering van de helm van de hertog. Wanneer we weten dat de lelie verbonden is met de Franse kroon, hoe valt deze eigenaardigheid dan te verklaren? Laten we de context waarin deze munt geslagen werd nader bekijken.

hertog van Brabant Hendrik Ihertog van Brabant Hendrik Ileeuwleeuw

Hertog van Brabant Hendrik I

De vallei van de Maas evenals het gebied tussen de Maas en de Rijn heeft altijd een echte aantrekkingskracht uitgeoefend op de hertogen van Brabant. Voortdurend probeerden de heren van dit huis een zekere druk naar het oosten uit te oefenen om op die manier hun domein en hun macht naar dit uitgestrekte gebied uit te breiden. Tijdens het oprukken stootten de hertogen van Brabant echter op het prinsbisdom Luik. Hendrik I vormde hierop geen uitzondering. Ook hij probeerde gedurende het grootste deel van zijn bewind de hand te leggen op het Luikse prinsbisdom: in het begin vreedzaam en via een tussenpersoon, hij slaagt erin zijn broer Albert van Leuven (1192) te laten verkiezen tot bisschop. Deze poging bleek echter tevergeefs: Albert werd vermoord vlak na zijn aanstelling. Hendrik I gooide het vervolgens over een andere boeg: agressief en persoonlijk deze keer via een rechtstreekse oorlog tegen zijn Luikse buur, de bisschop Hugo van Pierrepont (1200-1229).

De vijandelijkheden tussen Hendrik I van Brabant en Hugo van Pierrepont vonden hun oorsprong in verscheidene wereldlijke conflicten die telkens in het voordeel van de Luikenaar uitvielen. In 1212 had de wrok van de Brabantse hertog jegens het prinsbisdom zijn hoogtepunt bereikt: Hendrik I zocht en vond bij keizer Otto IV (1198-1218) het voorwendsel dat hij nodig had om zijn buur te schaden en zich tegenover hem te wreken. Otto IV was immers vol rancune jegens Hugo van Pierrepont die zonet hun verbond had opgezegd en in maart 1212 gaf hij Hendrik I de opdracht om de ontrouwe Luikse stad tot de orde te roepen en hen te straffen indien ze weigerden om via Hendrik I aan de keizer de eed af te leggen. De Brabantse Hendrik I had niet meer nodig: in mei viel hij de stad Luik aan en hij trok zich niet terug voordat deze volledig geplunderd was.

In juli van hetzelfde jaar verzamelde Hugo van Pierrepont, vol verlangen om wraak te nemen op Hendrik I, een enorme coalitie tegen zijn vijand waaronder zich eveneens de koning van Frankrijk Philippe-Auguste (1180-1223) bevond. Via een slimme zet slaagde de Brabander er echter in de vrede af te kopen. Niettemin zonder zijn ambities op te geven. Hendrik I, ervan overtuigd dat hij meer te winnen had door zich te binden aan de vrienden van zijn Luikse buur dan door de hand te reiken aan diens vijanden, liet keizer Otto IV in de steek om zich te verenigen met de Franse koning Philippe-Auguste. Dit Franse verbond ─ dat niet volledig nieuw was, Philippe-Auguste ondernam reeds in 1208 een vergeefse poging om Hendrik I op de keizerstroon te plaatsen ─ verhinderde echter niet dat het prinsbisdom Luik tijdens het gevecht van Steppes op 13 oktober 1213 een schitterende weerwraak op zijn vijand behaalde. Na deze nederlaag keerde de intussen erg onstabiel geworden Hendrik I terug naar Otto IV aan wiens zijde we hem het volgende jaar, op 27 juli 1214, strijd zien leveren tegen Philippe-Auguste te Bouvines. Maar diezelfde dag gedroeg de Brabantse hertog zich als een dubbelagent en gaf hij de Franse koning strategische informatie, zo goed dat zijn aanwezigheid onder de tegenstanders van de Franse koning even waardevol was voor Philippe-Auguste, misschien zelfs beter dan wanneer hij met de Fransen zelf gestreden zou hebben. Vanaf toen bleef Hendrik I dan ook min of meer nauw verbonden met Philippe-Auguste.

Na deze korte schets van de politieke context waarin dit muntstuk geslagen werd, begrijpen we moeiteloos de reden waarom Hendrik I van Brabant zich op een dergelijke manier liet afbeelden, getooid met een helm met lelie. Het ging er hem louter om zijn noodzakelijk en baatzuchtig verbond met de koning van Frankrijk op te roepen.

Yves Vandersmissen
Museumgids

Bron: