Thee: een drank, maar ook een betaalmiddel  Share

In onze maatschappij zijn financiële transacties gestandaardiseerd. Men betaalt goederen en diensten met munten of biljetten, giraal of elektronisch. Maar dit was lang niet altijd zo. Een lange geschiedenis gaat hieraan vooraf. De eerste betaalmiddelen die men onder de noemer van ‘goederengeld’ samenvat, konden eveneens verhandeld worden als koopwaar of consumptiegoederen. Ze waren er in verschillende materialen zoals stenen, parels, tanden, zout, … ofwel thee zoals in China.
In zaal 4 van het museum, die gewijd is aan de geschiedenis van het geld, bevindt zich een theeblok uit de tweede helft van de 20e eeuw.

Theeceremonie

Theeceremonie (Groeninge Museum, Brugge)

Chinese primitieve betaalmiddelen

Aanvankelijk gebruikte men schelpengeld, later ook reproducties daarvan in diverse materialen. De gebruikte schelpen waren kauri’s afkomstig uit de Indische Oceaan. Deze werden zowel in Azië, Afrika en Oceanië als betaalmiddel gebruikt. Door een tekort aan schelpen in het binnenland werden namaakkauri’s geproduceerd uit beenderen, hout, parelmoer en steen maar ook uit kostbare materialen zoals jade, zilver en goud. De namaakkauri die de ruimste verspreiding kende was de bronzen kauri of de I Pi Ch’ien. Dit betekent mierenneus in het Nederlands en verwijst naar zijn vorm.

Een ander type betaalmiddel is het miniatuurgereedschap. Aanvankelijk ging het om sterk gewaardeerde gebruiksvoorwerpen die naderhand ook gebruikt werden als betaalmiddel. Gemakshalve werden ze langzaamaan geminiaturiseerd. Deze betaalmiddelen werden algemeen aanvaard in de handel maar door hun gering intrinsieke waarde waren ze veel minder geschikt om op te potten. Het bronzen spaden- en messengeld behoort tot dit type betaalmiddelen.

Vanaf de 7e eeuw v.C., begon men met het gieten van ronde bronzen munten. Het gesmolten metaal werd gegoten in een vertakte gietvorm, waarbij elke arm opgebouwd was uit munten. Deze hadden een vierkant gat in het midden waardoor ze mooi rond gevijld konden worden en aan elkaar geregen tot snoeren van 100 of 1000 munten. Deze munten worden in het Maleis sapeke genoemd en qian of cash in het Chinees. Tenslotte zijn er nog wat men diverse betaalmiddelen kan noemen. Heel diverse vormen met ondermeer het papiergeld en het theeblok behoren tot deze groep. Ter info, het papiergeld deed zijn intrede in China vanaf de 7e eeuw.

Het theeblok

Het theeblok werd gebruikt als betaalmiddel van de 9e tot de 20e  eeuw en dit zowel in China, Mongolië, Siberië, Tibet, Turkmenistan en Rusland. De productie van theeblokken was een keizerlijk monopolie. Ze werden in diverse vormen en maten vervaardigd, voornamelijk in de Chinese provincie Sichuan, maar ook in Rusland.  Yaks en kamelen zorgden vervolgens voor hun transport.

Niet elk theeblok is evenwaardig. De kwaliteitsstempel geeft aan met welke kwaliteit (graad 1 tot 5) men te maken heeft. De kwaliteit wordt bepaald door de kleur (die van bruin naar zwart gaat), het gistingsproces en de verhouding van de takjes tot de theeblaadjes. Voor de beste kwaliteit, herkenbaar aan zijn donkerbruine kleur, worden enkel gefermenteerde theebladeren gebruikt. Theeblokken van de derde kwaliteit komen het vaakst voor. De laagste kwaliteit, herkenbaar aan zijn donkergele kleur, bevat takjes, stukjes hout en roet.

De fabricatie van een theeblok is complex. Eerst worden de theebladeren in de zon gedroogd, dan geklopt en gezeefd om er de takjes van te verwijderen. De theebladeren worden achteraf in een stoffen zak gestoken en onder stoom tot gisten gebracht. Intussen worden de takjes fijngestampt. Het mengsel van theebladeren en fijnvermalen takjes wordt dan in laagjes samengeperst in een metalen gietvorm. Tijdens dit proces wordt het theeblok herhaaldelijk bevochtigd met rijstwater om luchtbellen te voorkomen. Om de oorspronkelijke vorm van het theeblok te behouden, wordt het mengsel gebonden met meel, ossenbloed of uitwerpselen van koeien. Vervolgens wordt het theeblok door het vuur gehaald en laat men het rijpen voor gebruik.

theeblok_voorzijde

Theeblok, voorzijde

Het theeblok in het Museum is langs de voorzijde onderverdeeld in drie kaders. In het eerste kader staan vijf sterren op een rij. In het tweede centrale gedeelte, staat in het midden een tempel met drie portica afgebeeld, waarvan het hoofdportiek bekroond wordt door een ster. Dit alles is omgeven door vegetatie. In het derde kader tenslotte staan twee regels tekst in Chinese karakters die de herkomst weergeven van het blok.

theeblok_keerzijde

Theeblok, keerzijde

In de keerzijde zijn vertikale en horizontale inkepingen aangebracht, zoals bij een tablet chocolade. Het oppervlak is bijgevolg ‘voorgesneden’ in 16 stukjes van gelijke afmetingen, wat het makkelijker maakt om een of meerdere delen af te breken bij kleinere aankopen. Op elk van deze zestien stukjes staat hetzelfde motief van vervlochten lijnen.

Een theeblok dat klaar is voor gebruik is een compact object, gemakkelijk te bewaren en weg te bergen en vooral ook makkelijk transporteerbaar. Het was een veel voorkomend ruilmiddel tussen regio’s, vooral ook omdat het gebruikt kon worden als consumptiegoed. Men kon er bovendien ook zijn belastingen aan de keizer mee betalen. Volledig naar analogie met de wet van vraag en aanbod hadden deze blokken de neiging in waarde te stijgen naarmate men zich verder verwijderde van de productiecentra.

Het theeblok kon ook dienen als waardemeter, als voedingsmiddel in tijden van hongersnood of als geneesmiddel voor longaandoeningen. In Siberië bijvoorbeeld verkoos men het theeblok boven metaalgeld omwille van zijn helende krachten.

Tenslotte kon het theeblok ook eenvoudigweg gedronken worden. Men brak dan een stukje van het theeblok, roosterde het boven het vuur om het te desinfecteren en het extra smaak te verlenen en maalde het fijn.  De laatste fase is dan de toevoeging van heet water en het laten trekken volgens de infusietechniek. Thee als drank heeft vandaag ruimschoots de overhand en er is keuze te over: losse thee, thee in builtjes of ook nog in blokken.

Valérie Pede,
Museumgids

Bronnen

  • Bressett Ken, “Tea Money of China”, in Newsletter of the International Primitive Money Society, nr. 44, 2001.
  • Quiggin A. Hingston, A Survey of Primitive Money. The Beginnings of Currency, London, 1949.
  • Schoonheyt Jacques, 4000 ans de moyens d’échange. Une méthodologie aux perspectives nouvelles, onuitgegeven typoscript.